Ga direct naar productinformatie
1 van 1

School van Barbizon, Franse meesters van de 19de eeuw

Boekhandel Bloks

Normale prijs
€19,50 EUR
Normale prijs
Aanbiedingsprijs
€19,50 EUR
Nog 1 op voorraad

Korte omschrijving 📚

Drie Franse plattelandsdorpjes, Marlotte, Chailly en Barbizon, weggestopt in de bossen op de westelijke rand van het bekende Fôret de Fontainebleau, waren toevlucht en verblijf, tussen 1830 en 1850, van een groot aantal schilders, die er hun liefde voor de natuur wilden beleven, vaak op een pathetische wijze.

Théodore Rousseau werd er de mentor. Andere voorname meesters waren: Jean François Millet, Jules Dupré, Charles-François Daubigny, Albert Charpin, Narcisse Diaz, Antoine Chintreuil, Constant Troyon, Henri Harpignies. Ook de bekende dierensculpteur Antoine-Louis Barye kwam er zijn modellen schetsen in hun natuurlijke omgeving.

Ze waren allen het stedelijke academisme ontvlucht en wilden, vaak hartstochtelijk en ongebonden, het directe contact met de vrije afgezonderde natuur beleven, als “plein-air-schilders”. Zij werden eerder “poëten met de borstel” dan wel uitbeelders van een natuurlijke omgeving. In 1850 noemde een Parijse directeur hen “de onverschoonde democraten”.

De schilders van Barbizon lieten zich wel leiden door de 17e-eeuwse Hollandse landschapschilders enerzijds, en anderzijds waren ze geïmponeerd door de Engelse aquarellisten als Richard Parkes Bonington.

Niet alleen Franse kunstenaars zochten Barbizon op, ook vreemden maakten er school. Onder de Belgen worden vermeld: Xavier de Cock, Cesar de Cock, Hippolyte Boulenger, Alfred De Knyff, Victor De Papeleu. De Nederlander Martinus Antonius Kuytenbrouwer nodigde er zijn vriend Johan Jongkind uit. Willem Roelofs, een ander Nederlands landschapsschilder, was er in 1851 en keerde er terug in 1852 en weer in 1855. Zijn Barbizon-geestdrift werkte aanstekelijk op de latere Haagse School.

Gemeentemuseum Den Haag

1985, linnen gebonden met stofomslag, 214pp, mooi exemplaar, 30x21.5cm